Stukje Fietsen, enzo…

Stukje Fietsen, enzo…
Amsterdam – Beijing (?)

De Director: “Ok, I give you the ticket”

February 16th, 2008
  • Beste Mensen!
    Het is alweer een tijdje geleden dat ik schreef, en dat komt vooral doordat ik steeds het gevoel heb dat ik niets te vertellen heb, alles lijkt intussen zo ‘normaal’ voor mij. Maar ik denk dat het voor iemand in nederland toch de moeite waard is te lezen over wat ik mee maak.
    Ik was gebleven in Hampi, precies 2 weken geleden. De laatste dagen daar heb ik gebruikt om bij te eten nadat ik tijdens de malaria niet zo veel gegeten had, en te zien wat er te zien was. Toen besloten we naar Chennai te gaan, we moesten tickets kopen voor de boot naar de Andaman Islands. Vier jaar geleden was dat een heel gedoe, maar aan de telefoon merkte ik dat het systeem veranderd was, en als je iets veranderd, dan verbeter je het, leek mij. Ik was dus gematigd optimistisch wat betrefd het kopen van tickets. Na een nacht en een middag in de trein vonden we een kamer in Chennai, en vonden we het tijd voor een ‘avondje uit’. We gingen een aantal bioscopen af en vonden er zowaar een die een Engelse film vertoonde! Heel raar om daar in een koude bioscoop zaal te zitten, waar alles schoon is, met flatscreen monitors in de wc’s en met upper-class Chennai. En nog veel vreemder om daarna naar buiten te lopen, de hitte, drukte, herrie en geur weer in.
    ‘s Ochtends gingen we ons geluk proberen, een ticket kopen. Het systeem was inderdaad veranderd. Zodra we binnenkwamen en de mensen van de informatie hoorden dat we bunk-class tickets wilden (dat zijn de goedkoopste), werd ons direct duidelijk gemaakt dat die uitverkocht waren. Balen, maar even om ons heen kijken zei genoeg. De mensen die daar zaten te wachten waren duidelijk geen mensen die duurdere kaartjes konden betalen. Er moesten dus nog wel kaartjes zijn! We liepen naar een balie, en vroegen de beste man daar of er nog kaartjes beschikbaar waren. Hij versprak zich, en zei dat dat inderdaad zo was, waarop de mensen van de informatie kwaad op hem werden. Zij hadden ons graag kaartjes voor de cabin-class verkocht, die ruim twee keer zo duur en niet veel goedkoper dan het vliegtuig waren. Nu we dus wisten dat er nog kaartjes waren, en de heren die niet aan ons wilden verkopen; ‘no authority’, was het dus wachten op de director. Die verscheen om een uur of 11, en we werden ontboden op zijn kantoor. De Director is bijna een god daar (vandaar de hoofdletter). Zijn personeel staat in de rij om iets aan hem te vragen, en door hem heen praten is uit den boze. We kwamen te weten dat de tourist quota vol was, we moesten de dag voor het vetrek van de boot maar terug komen en hopen dat er iets gecanceled was. Onze namen werden op de waiting list, een vodje papier dat het einde van de middag waarschijnlijk nog niet eens haalde, gezet. Dat was dat, poging 1.
    We hadden 5 dagen voor we terug moesten komen. En ondanks dat Chennai best een aardige stad is, was dat net even teveel. We besloten dezelfde middag nog een bus naar Mamalapuram, een plaatsje vlakbij met mooie tempels, en nog belangrijker, strand, te nemen. Op het busstation zagen we een heel klein baby’tje, dat ontzettend ziek leek te zijn in de armen van een moeder. We hadden alletwee het idee dat het kindje aan het sterven was, het zag er echt heel slecht uit. Toen de moeder weg was besloten we alsnog er achteraan te gaan; misschien konden we helpen. We vonden de moeder, en praten via iemand die voor ons vertolkte met haar, en ze bleek geen hulp nodig te hebben. Achteraf weet ik niet of ik me moet schamen om de gedachte dat “ik ‘rijke’ westerling dit arme zieke kind wel even kan helpen door wat geld te geven”, of dat het juist goed is om op deze manier mensen proberen te helpen.
    Na 5 dagen aan het strand, die voor Lotte redelijk saai waren omdat ze zich op de eerste dag behoorlijk verbrande door te lang in de zon te liggen was het tijd om terug te gaan naar Chennai om opnieuw kaartjes proberen te kopen. Een kamer vinden in Chennai was lastiger, maar we vonden wat. En stonden de volgende ochtend om 10:30 weer op het Shipping Corporation of India kantoor, op zoek naar Alex, de beheerde van de waiting list. Die riep ons zowaar na ongeveer een half uurtje naar binnen, voor wederom een interview met de Director. Het bleek een andere man te zijn, nog meer uit de hoogte, en hij had er plezier in om de macht die hij had tot het uiterste te gebruiken. We vertelden ons verhaal: we waren al eerder geweest, hadden weinig geld (ik ben zelfs niet naar India komen vliegen te duur! heb de bus genomen!) en wilden heeeeel graag de volgende dag met de boot mee. Hij kapte me af, en doorpraten was erg onbeleefd volgens hem. Ik was bijna aan het buigen en z’n voeten aan het kussen. Maar nee. First-class cabin, dat konden we krijgen. En die tickets waren zelfs duurder dan het vliegtuig! En anders konden we mee op de volgende boot, 8 dagen later. Daar gingen we mee accoord tot bleek dat we dan de komende paar dagen in Chennai moesten blijven en een aantal keer meer op zijn kantoor moesten komen. Toen werden we stil. Geen eilanden dus. Lotte en ik stonden allebei na te denken, geen idee wat we moesten doen. Veel geld betalen was niet echt een optie, lang wachten in Chennai ook niet echt. We besloten min of meer dat we dan maar op moesten geven, toen onze stilte na ongeveer een kwartier doorbroken werd door door de Director met de verlossende woorden: “Ok, I give you the ticket”. Zo simpel? We konden het niet geloven, en zaten heel stilletjes, nog maar niet al te blij in een hoekje van het kantoor te wachten. Toen we eenmaal ons geld hadden overhandigd en onze tickets uit de machine kwamen rollen was het echt! We gaan naar de eilanden! Super!
    De rest van de dag waren we bezig een brander te kopen waarop we kunnen koken op de eilanden, en matrassen om op te slapen. Die avond vierden we ons ticket-succes met een fantastische maaltijd en de volgende ochtend zaten we te wachten voor de boot. Daar kwamen we meer backpackers tegen. Een aantal was het ook gelukt de goedkope tickets te krijgen, maar de meesten waren gezwicht en hadden het dubbele betaald! Ook kwam ik Camillio, een Italiaan uit Iran weer tegen!
    Ook het op de boot komen was anders, we moesten dit keer met de bus naar de boot toe. Er kwamen wat pendelbussen die uiteraard overvol raakten, belachelijk veel geld kostten, ook voor Indiërs, en achteraf een hele grote omweg maakten om bijna op dezelfde plek uit te komen. Daar kregen we de ‘medical checkup’ die niets meer inhield dan de vraag: “are you ok?”, werd onze bagage door een belachelijke security check gehaald en liepen we het schip op! We sliepen bunk-class, hetgeen zoveel inhoud als slapen onderin de boot in stapelbedden waarvan er 92 in een ruimte staan. Op zich kan dat prima zijn. Maar deze bedden waren niet de schoonste bedden, niet de grootste (1.90m lang, precies genoeg voor mij), en ze zaten vol kleine kakkerlakken. Verder gaan de lichten in de bunk nooit uit en slaap je dus in tl-licht. Dat is opzich allemaal nog wel te doen, de kakkerlakken merk je niet echt op als je slaapt; of ze blijven uit de buurt als je slaapt, of ze zijn zo klein dat je ze niet voelt, tenminste, als het voor een nachtje was. Maar we gingen 3 nachten op die boot doorbrengen. En dan wordt het toch wel een uitdaging. Zeker als blijkt dat er slechts af en toe water beschikbaar is in de toiletten en de indiers niet eens de moeite nemen een wc in te stappen om te plassen en het dus gewoon op de grond doen. Maar goed, na 65 uur op die boot, 3 verbazingwekkend goede nachten, wat minder goed eten, veel leuke gesprekken met de andere backpackers, veel lezen kwamen we aan op de Andamans! We voeren tussen prachtige eilanden met witte stranden, zagen dolfijnen en vliegende vissen.
    De Andaman Islands is een verzameling van ongeveer 500 eilanden die 1000km uit de kust van India liggen, ten oosten van Chennai en te zuiden van Calcutta. Eigenlijk is het veel dichter bij Thailand dan bij India, slechts 250km, maar toch horen ze bij India. Er is dan ook IST, Indian Standard Time, en zonsondergang is rond 17:30 hetgeen heel vroeg is als je zo zuidelijk zit. Port Blair is de hoofstad, en daar kwamen we gisteren dan ook aan. Na een hoop gedoe om een hotel te vinden, alles was vol! Kon me ik me voor het eerst in drie dagen wassen, en aten we goed eten. Heerlijk! Gisteravond en vanochtend zijn we verder gegaan met het voorbereiden van ons kampeer avontuur. Bijna alle backpackers van de boot hebben hetzelfde plan als ons: kamperen op Long Island. Dat is een bijna onbewoond eiland met een strand waar drinkwater uit een bron te krijgen is. Ideaal dus! Maar wel jammer dat er zoveel mensen heen gaan. Morgen nemen we een boot die een stukje de goede kant op gaat, vanaf dan zijn we buiten bereik van de bewoonde wereld. De komende weken zal ik niet in de buurt van Internet zijn, en waarschijnlijk is er ook heel weinig telefoon mogelijkheden. Ik weet niet precies wanneer we weer in aanraking met de beschaving gaan komen, maar dan dus verhalen over overleven op een eiland met een wit strand, palmbomen en blauwe zee!

    Groetjes,
    Anne

  • Mijn reiskaart (Schrijflocatie)
  • Mijn fotoalbum

Malaria: negative, postive, negative?

February 2nd, 2008
  • Mensen,

    Twee weken geleden schreef ik vanuit Goa, ik sliep toen in m’n tipi:

    De volgende dag was het zaterdag, en tijd voor m’n eerste en laatste Goa Party. We hoorden dat er om 3 uur ‘s middags een begon. Ik ging er met Atakan, een Turkse vriend, heen en tot 10 uur werd er op het strand trance muziek gedraaid, erg gaaf en vermoeiend, 10 uur voelde als 5 uur ‘s ochtends. De volgende dag was het tijd om uit Goa te vertrekken voor ik bleef plakken, op naar Hampi.
    Ik werd door m’n vrienden op de bus gezet, en een aantal lokale bussen stond ik op een groot busstation alwaar die avond een bus richting Hampi vertrok. Ik had besloten een ‘lokale’ bus te nemen, die was bijna 4 keer zo goedkoop als de toeristenbussen die hier inmiddels, naar Thais model, zijn. Opzich is zo’n bus prima, afgezien van het feit dat het een beetje krap is, maar ik had pech. Ik kwam terecht naast een dronken indier die constant over mij in elkaar stortte en over de mensen voor hem heen kotste. En tot overmaat van ramp zat er vrouw achter me, ze leek 100 maar was waarschijnlijk 50, die minstens zo dronken was en de hele tijd een 2 liter fles stinkend rijstbier open had. Ze was extreem luidruchtig, maar mijn pogingen haar stil te krijgen werden waarschijnlijk verkeerd geïnterpreteerd en het leek alsof ze me probeerde te zoenen. Na een slaaptechnisch dus niet zo geslaagde busrit kwam ik om 5 uur ‘s ochtends aan in de buurt van Hampi alwaar om 7 uur een korte busrit me naar de plek bracht waar ik zijn wilde. Daar vond ik het guesthouse waar ik 4 jaar geleden ook geslapen had. Het was, afgezien van de prijzen, nauwelijks veranderd, en ik kon een kamer krijgen. En daar begint dit verhaal eigenlijk.
    Ik ging even liggen, ik was tenslotte moe, en werd wakker met koorts. Balen, maar goed: India, kan van alles zijn. Dus een dag afgewacht en toen toch maar wat paracetamol ingenomen. Dat hielp eigenlijk nauwelijks, en na 3 dagen koorts maakte ik me een beetje zorgen. ‘s Ochtends voelde ik me goed genoeg om naar de dokter te gaan, die ik vertelde dat ik vermoede dat ik malaria had. Hij vertelde me dat ik dan te ziek zou zijn om naar hem toe te komen en dat dus onwaarschijnlijk was. Ik hield aan en we deden een bloedtest. Die gaf hem gelijk, ik had geen malaria! Nee, het was keelontsteking. Na nog twee dagen keelontsteking had ik geen pijn in m’n keel maar wel nog steeds af en toe koorts, het was avond en ik was ongerust, maar dacht dat ik nooit meer bij een dokter zou kunnen komen voor de volgende dag, Hampi is een beetje afgelegen. Gelukkig was er ongelofelijk vriendelijke indier die aanbood mij naar een ziekenhuis te brengen. Het was een uur achterop de motor om er te komen. Daar werd een uitgebreide bloedtest gedaan en bleek ik inderdaad Malaria te hebben!

    Even schrikken, maar goed, eigenlijk alleen maar goed om te weten en zo slecht voelde ik me niet. Ik kreeg medicijnen, 5 verschillende soorten, voor een week.

    De medicijnen deden langzaam hun werk, en de malaria nam een vaste tijd waarop de koorts kwam: ‘s avonds vanaf een uur of 6 tot halverwege de nacht. Tijdens de koorts voelde ik me slecht, maar ‘s ochtends was het alsof er niets aan de hand was. Op de laatste dag van m’n malaria medicijnen kwam Lotte, een vriendin uit nederland (haar website), en eigenlijk ging het vanaf dat moment ook beter. Ik was nog niet helemaal beter en ging langs de dokter waar ik als eerste heen was gegaan, die een negatieve test had gedaan. Dit keer keek hij naar de positieve test die ik mee had genomen en was verbaasd: ‘je hebt helemaal geen malaria!’. Onzin natuurlijk, en dat vertelde ik hem ook, hij stuurde me door naar een ‘dokter of medicine’ (wat was hij dan?). Daar aangekomen mochten we wachten in de ‘injection room’ en waren we getuige van vele injecties. En toen het mijn beurt was vertelde de dokter, die zich duidelijk belangrijk en druk voelde, me dat ik toch wel malaria had en dat ze me te weinig medicijnen hadden gegeven voor het type malaria dat ik had. Ik kreeg meer en sterkere medicijnen, dit keer slechts 3 dagen. En naast pillen kreeg ik nu ook injecties, fijn! Maar die dingen werkten ontzettend goed! Vanaf dat moment heb ik geen koorts meer gehad: wat een opluchting. Ik was van de malaria af, maar ga de medicijnen toch afmaken voor het geval er stiekem ergens een parasiet achtergebleven is. Zodra ik beter was heb ik m’n ouders gebeld om ze te vertellen dat ik überhaupt malaria heb gehad, ik had dat stil gehouden omdat ze zich anders onnodig ongerust zouden maken (hoop ik). Nu ze het weten kan ik deze blog schrijven.
    Lotte en ik hebben besloten een tijdje samen te gaan reizen, en blijven eerst nog een paar dagen hier. Ik ben hier nu 2 weken, maar heb nog nauwelijks iets gezien. En 12 februari zijn we van plan de boot naar de Andaman Islands te nemen, die doet er 3 nachten over en het is bepaald geen cruise, maar dan kom je aan in het paradijs, hetgeen de moeite dus wel waard is! Verder kreeg ik gisteren een email van m’n moeder, die komt me april opzoeken! Goed, dat was het weer. Mocht ik mooie dingen meemaken voor ik naar de eilanden vertrek dan komt er nog een verhaal voor de twaalfde anders zullen jullie moeten wachten tot na de 15e.

    Groetjes,
    Anne

  • Mijn reiskaart (Schrijflocatie)
  • Mijn fotoalbum